Leiden, 12 augustus 2008

Statuten Stichting ‘De Leidsche Mondialen’

STATUTEN:

Naam, zetel en duur – Artikel 1

  1. De stichting draagt de naam: ‘De Leidsche Mondialen’.
  2. Zij is gevestigd te Leiden.
  3. De stichting is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Doel – Artikel 2

  1. De stichting wil een platform vormen met als doel:
    1. het behartigen van de belangen van haar leden.
    2. het stimuleren van de ontwikkeling van artistieke activiteiten.
    3. het bevorderen van het contact en de uitwisseling tussen leden onderling.
    4. het beheren van de tijdens zijn/haar leven geproduceerde kunstwerken, met in achtneming van de door de kunstenaar nagelaten testament en dit eventueel in samenspraak met de wettige erfgenamen.
  2. Zij tracht dit doel ondermeer te bereiken door:
    1. het organiseren van exposities van werk van haar leden, het houden van lezingen en bijeenkomsten.
    2. het beheren van een website en al hetgeen aan het voorenstaande bevorderlijk is of kan zijn.
    3. Het in beheer nemen van artistiek werk van haar overleden leden.

Boekjaar – Artikel 3

  1. Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar.

Lidmaatschap – Artikel 4

  1. De stichting bestaat uit het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur
  2. Het dagelijks bestuur bestaat uit drie personen.
  3. Het algemeen bestuur bestaat uit ,
    A). Kunstenaars en
    B). Sympathisanten,
    die zich als lid bij het bestuur hebben aangemeld en door het bestuur als lid zijn aangenomen.
  4. Het lidmaatschap wordt minimaal voor een jaar aangegaan.
  5. De contributie dient ineens of in maandelijkse termijnen worden voldaan.
  6. Elk nieuw lid dient eenmalig entreegeld te betalen.
  7. Het lidmaatschap wordt beëindigd door opzegging of door royement.
  8. Bij overlijden gaat het lidmaatschap automatisch over in een passief lidmaatschap, waarvoor geen contributie verschuldigd is. De belanghebbende heeft recht op beheer en belangenbehartiging van de door hem aan de stichting nagelaten werken.
  9. Het algemeen bestuur kan indien nodig ledenvergaderingen beleggen.

Beheer – Artikel 5

  1. Onder beheer wordt verstaan -de door schriftelijk vastgelegde overdracht aan de stichting toevertrouwde kunstwerken- de belangenbehartiging in de breedste zin door de stichting.
  2. Beheer wordt verkregen door schriftelijke overeenkomst door beide partijen.
  3. De stichting houdt minimaal jaarlijks een inventarisatie van de haar toevertrouwde objecten.
  4.  Tussentijdse verkoop dient beider goedkeuring te dragen, zowel van de stichting als van de belanghebbenden.
  5. Verkochte goederen dienen van de inventarisatielijst te worden afgevoerd.

Opbrengsten – Artikel 6

  1. Netto opbrengsten zijn de uit de verkoop ontvangen bedragen die voor het gehele bedrag of voor de helft van het bedrag (na eventueel overleg met erfgenamen) na aftrek van kosten naar de stichting vloeien.
  2. Netto opbrengsten worden in een door de stichting in leven geroepen fonds ondergebracht en op een bankrekening gestort.
  3. De algemene vergadering bepaalt voor welke doeleinden gelden uit het fonds aan personen of ideële doelen worden gevoteerd.

Bestuur – Artikel 7

  1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie personen die uit hun midden een voorzitter, secretaris en penningmeester aanwijzen.
  2. Bestuursleden worden benoemd voor onbepaalde tijd.
  3. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
  4. Ingeval van één of meer vacatures in het bestuur houdt het bestuur zijn bevoegdheden.
  5. De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.

Taak en bevoegdheden – Artikel 8

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen.
  3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.

Vergaderingen – Artikel 9

  1. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden op de plaats zoals op de oproeping is bepaald.
  2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van het bestuur (de jaarvergadering) gehouden, waar in elk geval aan de orde komt de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten.
  3. Voorts worden vergaderingen gehouden wanneer één van de bestuurders de oproeping doet.
  4. De oproeping tot een vergadering geschiedt tenminste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van een oproepingsbrief.
  5. De secretaris notuleert de vergadering. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en notulist hebben gefungeerd.

Besluitvorming – Artikel 10

  1. Het bestuur kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is.
  2. Een bestuurder kan zich in een vergadering door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen nadat een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende volmacht is afgegeven.
  3. Zolang in een vergadering alle in functie zijnde bestuurders aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
  4. Het bestuur kan met algemene stemmen ook buiten vergadering besluiten nemen.
  5. Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij één of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen.
  6. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  7. In alle geschillen omtrent stemmingen beslist de voorzitter van de vergadering.

Vertegenwoordiging – Artikel 11

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
  2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijke handelende bestuurders.
  3. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuurders, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Boekjaar en jaarstukken – Artikel 12

  1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen kunnen worden gekend,
  3. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting te maken, op papier te stellen en vast te stellen.
  4. Bewaarplicht van genoemde gegevens bedraagt zeven jaar.

Reglement – Artikel 13

  1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin de onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
  2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
  3. Het bestuur is bevoegd het reglement te wijzigen of te beëindigen.

Statutenwijziging – Artikel 14

  1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Een besluit tot statutenwijziging moet met algemene stemmen worden genomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. 3.De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.

Ontbinding en vereffening – Artikel 15

  1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
  2. Indien het bestuur besluit tot ontbinding wordt tevens de bestemming van het liquidatiesaldo vastgesteld.
  3. In andere gevallen van ontbinding wordt de bestemming van het liquidatiesaldo door de vereffenaars vastgesteld.
  4. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.

Slotbepalingen – Artikel 16

  1. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
  2. Onder schriftelijk wordt in deze statuten verstaan elk via de gangbare communicatiekanalen overgebracht bericht, waarvan uit geschrift blijkt.
  3. Het eerste boekjaar van de stichting eindigt op einde boekjaar.